
- Gebied
- Afrika
- Oorsprong
- Zuidelijk Afrika, tussen rotsen en in graslanden; elders als sierplant gekweekt
Afrika · Kruid · № 921
Leonotis leonurus
Kruid · Afrika
Wild dagga
Leonotis leonurus
Struik uit de lipbloemenfamilie, twee tot drie meter hoog, met oranje, buisvormige bloemen in kransen om de vierkante stengels. Bevat marrubiine en leonurine, en verder labdaanverbindingen. Geldt als licht kalmerend; welke stof voor de werking zorgt, is nog niet duidelijk.
Veiligheid en aandachtspunten
Weinig onderzocht. Roken beschadigt de longen, ook zonder tabak. Kan duizeligheid en sufheid geven. De plant staat niet op de lijsten van de Opiumwet. Deze informatie beschrijft traditioneel gebruik en is geen aanmoediging of advies. Gebruik is op eigen risico; de makers van deze site zijn niet verantwoordelijk voor de gevolgen. Nooit alleen, nooit samen met alcohol, andere drugs of medicijnen, niet bij zwangerschap, hartziekten of psychische aandoeningen (ook niet in de familie), en niet deelnemen aan het verkeer. Bij nood: bel 112.
Waarschuwingen per traditie (1)
- Afrikaanse geneeswijzen: Weinig onderzocht; roken beschadigt de longen. Gebruik op eigen risico; nooit alleen en niet samen met medicijnen.
Bereiding
Traditioneel worden bladeren en bloemen gedroogd. De Khoikhoi rookten ze, en in zuidelijk Afrika wordt van het blad een thee getrokken of een afkooksel gemaakt dat men drinkt. Uitwendig wordt een afkooksel gebruikt bij huidaandoeningen en beten.
Gebruik in tradities
Het woord dagga komt via het Afrikaans van het Khoikhoi-woord dachab. Later werd het ook de naam voor cannabis, en daarom heet deze plant 'wilde' dagga. De Khoikhoi rookten de plant al voor de komst van de Europeanen. Genezers in zuidelijk Afrika gebruiken haar bij hoest, verkoudheid, koorts, hoofdpijn, astma en slangenbeten. De plant kwam in de zeventiende eeuw naar Europa.
Toepassingen
Gebruik per traditie
Zo beschrijven verschillende kruidentradities dit kruid. Hoeveelheden zijn traditionele richtlijnen die op duidelijke fouten zijn gecontroleerd; ze zijn geen medisch advies. Bij giftige planten staat bewust geen dosering.
Afrikaanse geneeswijzen
Toegeschreven werking
Bij hoest, verkoudheid, koorts, hoofdpijn en slangenbeten, en als licht roesmiddel.
Bereiding en hoeveelheid
Gedroogde bladeren en bloemen als thee of afkooksel, of gerookt.
Let op: Weinig onderzocht; roken beschadigt de longen. Gebruik op eigen risico; nooit alleen en niet samen met medicijnen.
- Bereidingswijzen
- Thee (infusie)Afkooksel (decoct)