Er is niet één inheemse geneeskunde, maar veel volken delen het idee dat gezondheid evenwicht is tussen lichaam, geest, gemeenschap en natuur. Het Engelse woord medicine heeft in inheemse tradities vaak een bredere betekenis: het gaat ook om spirituele kracht en bescherming.
Bij veel volken, zoals de Anishinaabe en volken van de Prairies, gelden vier heilige middelen: tabak, salie, veenreukgras (sweetgrass) en ceder. Ze worden gebrand om te reinigen, te bidden en te beschermen.
Het zweethuis, de sweat lodge, is bij veel volken een ceremonie van reiniging en gebed. Ook het medicijnwiel, met vier windrichtingen, is bij sommige volken een belangrijk symbool, maar niet bij allemaal.