Naar de inhoud
Herbs & Cultures

Traditie in Noord-Amerika

Cherokee-geneeskunde

In de zuidelijke Appalachen sinds eeuwen; een levende traditie

Afbeelding van Canadese geelwortel
Canadese geelwortel, Hydrastis canadensisFranz Eugen Köhler, Köhler's Medizinal-Pflanzen · Public domain

Geschiedenis

De Cherokee noemen zichzelf Aniyvwiya, 'de echte mensen', of Tsalagi. Ze woonden in een groot gebied in de zuidelijke Appalachen, in wat nu North en South Carolina, Georgia, Tennessee, Alabama en Virginia zijn. Hun dorpen lagen langs rivieren als de Oconaluftee, de Tuckasegee en de Little Tennessee. De moederstad was Kituwah, aan de Tuckasegee, en een van de oude namen van het volk is Ani-Kituwah, 'de mensen van Kituwah'.

Rond 1821 bedacht Sequoyah een schrift voor het Cherokee, en binnen een paar jaar konden duizenden Cherokee lezen en schrijven. In 1828 verscheen de Cherokee Phoenix, de eerste inheemse krant van Noord-Amerika. Kort daarna, met de Indian Removal Act van 1830 en een verdrag dat de meeste Cherokee nooit hadden aanvaard, werden ze van hun land verdreven. In 1838 en 1839 dreef het Amerikaanse leger hen naar het Indianenterritorium, het huidige Oklahoma. Op dat Pad der Tranen stierven er misschien vierduizend, bijna een vijfde van het volk. Een paar honderd verborgen zich in de bergen of mochten blijven; uit hen kwam de Eastern Band voort.

Aan het eind van de jaren 1880 werkte de etnoloog James Mooney bij de Eastern Band. Van de genezer Ayunini, Swimmer, en anderen kreeg hij schriften met heilige formules, in het schrift van Sequoyah opgeschreven. Hij publiceerde ze in 1891 en de verhalen in 1900. Een eeuw later schreef J. T. Garrett, zelf lid van de Eastern Band en jarenlang directeur van het Cherokee-ziekenhuis, op wat ouderen hem over de planten hadden geleerd.

Kernideeën

Het oude verhaal over het ontstaan van ziekte en geneesmiddel staat bij Mooney. Toen de mensen te talrijk werden en de dieren zonder respect doodden, kwamen de dieren in raad bijeen. De beren wilden terugschieten, maar hun klauwen bleven haken in de pees van de boog. De herten besloten dat wie een hert doodde zonder om vergeving te vragen, reuma zou krijgen. De slangen, vissen, vogels en insecten bedachten nog veel meer ziekten. Toen de planten dat hoorden, besloten ze de mensen te helpen: elke plant bood een geneesmiddel aan voor een van die ziekten. Wanneer een genezer niet weet wat hij moet gebruiken, wijzen de geesten van de planten het hem.

Gezondheid is evenwicht, met de mensen om je heen, met de dieren en planten en met de wereld. Ziekte kan uit het lichaam komen, maar ook uit een gebroken regel, een droom, een boze geest of iemand die je kwaad wil. De getallen vier en zeven zijn heilig: er zijn vier windrichtingen, en zeven als boven, beneden en het midden erbij komen, en er zijn zeven clans. Een rivier heet Lange Man, en 'naar het water gaan', bij het opgaan van de zon, reinigt en zegent bij belangrijke momenten van het leven.

Garrett ordent de planten in zijn boek naar de vier windrichtingen. Het oosten staat voor hart, geest en familie, het zuiden voor de huid en het spel van het kind, het westen voor het binnenste van het lichaam en de kracht, en het noorden voor adem, rust en het denken. Hij schrijft zelf dat dit zijn eigen uitleg is van wat hij leerde.

Kennis en overdracht

Een genezer werkt met formules: woorden die worden opgezegd of gezongen, vaak vier of zeven keer, samen met een middel van planten. Mooney noteerde dat een genezer die een plant zoekt, de eerste drie die hij ziet laat staan en pas de vierde neemt, en dat hij een kraal achterlaat in het gat waaruit hij de wortel haalde. Een middel bestaat meestal uit meer planten, en in de bast is de kant die naar het oosten gekeerd staat het sterkst. Bij het genezen blaast een genezer het middel vaak met een rietje op het lichaam, of schraapt hij de huid licht met doornen of een kam van tanden en wrijft het middel in de krasjes.

Hamel en Chiltoskey verzamelden in 1975 het gebruik van honderden planten, van ouderen in de dorpen en uit oudere bronnen. Yellowroot wordt gekauwd bij een zere mond en keel. Wilde kers gaat in hoestdrank en bij koorts, kornoelje bij hoofdpijn en koorts, en ginseng als tonicum. Weegbree gaat op brandwonden en steken, springzaad op uitslag door gifsumak, en de hars van de amberboom in een zalf voor wonden. Met rabbit tobacco wordt hoest behandeld. Sassafras en spicebush zijn voorjaarsdranken, en ramps een voorjaarsgroente.

Garrett noemt ook de Medicine Society, een genootschap van genezers dat elkaar ontmoette om formules te delen en dat volgens hem rond 1920 ophield, en hij vertelt verhalen die bij planten horen. Mier ontdekt de zoete bast van de wilde kers. Een verliefde jongen verstopt zich achter hearts-a-bustin'. En Vlindertje wijst de mensen de knolzijdeplant tegen hoest.

Teksten en figuren

De formules werden geschreven in het schrift van Sequoyah en bewaard in schriften van families. Mooney publiceerde The Sacred Formulas of the Cherokees in 1891, en in 1932 verscheen met Frans Olbrechts het hele schrift van Swimmer. Myths of the Cherokee (1900) bevat de verhalen, zoals dat over het ontstaan van ziekte en geneesmiddel en over het eerste vuur. Veel Cherokee wantrouwden Mooney, want ze vonden dat de kennis niet naar Washington hoorde. Garrett schrijft dat zijn oudere leraren hem vroegen niets op te schrijven, en dat hij de heilige formules daarom weglaat.

Paul Hamel en Mary Chiltoskey publiceerden in 1975 Cherokee Plants and Their Uses: A 400 Year History, met Cherokee-namen en het gebruik van honderden planten. Mary Chiltoskey was lerares op de middelbare school van Cherokee en getrouwd met de beeldhouwer Goingback Chiltoskey. Het boek is nog altijd de belangrijkste bron over Cherokee-planten. In 2003 verscheen Garretts The Cherokee Herbal, met verhalen, gebruik volgens ouderen en zijn indeling naar de vier windrichtingen.

Vandaag

Er zijn drie erkende Cherokee-stammen. De Cherokee Nation in Oklahoma is met honderdduizenden burgers een van de grootste stammen van de Verenigde Staten. De United Keetoowah Band, ook in Oklahoma, heeft ruim veertienduizend leden, net als de Eastern Band of Cherokee Indians op de Qualla Boundary in North Carolina. Het Cherokee wordt nog gesproken, maar door steeds minder mensen. De Cherokee Nation en de Eastern Band hebben scholen waar kinderen helemaal in het Cherokee les krijgen.

Genezers werken nog, binnen hun families, en de Groene-Maïsceremonie en de stompdansen worden gehouden. Garrett hielp in de jaren 1980 als directeur van het Cherokee-ziekenhuis een programma op te zetten waarbij patiënten ook naar een traditionele genezer konden.

Sinds 2006 heeft de Cherokee Nation een zaadbank met oude gewassen: maïs, bonen, pompoenen, kalebassen, tabak en planten voor ceremonies, en in 2025 deelde ze bijna tienduizend zakjes zaad uit aan burgers. De Eastern Band werkt met het programma RTCAR aan het herstel van rivierriet, witte eik en de planten voor verf, zodat mandenvlechters, pottenbakkers en houtsnijders genoeg materiaal houden.

Natuur in de traditie

De Cherokee leefden in een van de rijkste bossen van de gematigde wereld, de bergen en dalen van de zuidelijke Appalachen en de Great Smoky Mountains. Daar staan tulpenbomen, kastanjes, eiken, hemlocksparren en platanen, en in de ondergroei ginseng, geelwortel, bloedwortel, zilverkaars en trillium.

De bloei van de kornoelje gaf het begin van het plantseizoen aan. De Drie Zusters, maïs, bonen en pompoen, waren het hoofdvoedsel, en maïs is de heilige plant van Selu, de Maïsmoeder. In het verhaal over het eerste vuur slaan de Donderwezens een holle plataan in brand, en haalt Waterspin het vuur in een mandje op haar rug.

Manden vlechten de Cherokee van rivierriet en gespleten witte eik, geverfd met bloedwortel en zwarte walnoot. Het rivierriet is nu nog geen twee procent van wat er ooit groeide. Ginseng en geelwortel worden in het wild zo veel gegraven dat ze bedreigd zijn.

Respectvol omgaan

De heilige formules, de liefdes- en jachtgeneeskunde en de middelen om iemand te beïnvloeden horen bij de families die ze bewaren. Garrett laat ze bewust weg, op verzoek van zijn leraren, en wij ook. Wat Mooney publiceerde, maakt ze niet algemeen bezit.

We geven geen bereiding van giftige planten als mayapple, pokeweed, bloedwortel, waterscheerling, wilde tabak en Veratrum, en ook niet van hearts-a-bustin', duivelswandelstok en Indian physic. Garrett noemt ook chaparral, vingerhoedskruid, belladonna en smeerwortel; daarvan zijn de risico's te groot om ze aan te bevelen.

Graaf ginseng, geelwortel, Adam-en-Eva-wortel en vrouwenschoentje niet op in het wild. In de Great Smoky Mountains is het verboden planten te verzamelen.

Uit de keuken

Recepten met kruiden uit deze traditie

Er staat nog geen recept uit deze traditie op de site. Deze recepten gebruiken wel kruiden die zij kent.

Register

Kruiden in deze traditie

  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 988

    Adam-en-Eva-wortel

    Aplectrum hyemale

    Orchidee met één blad, groen met zilverwitte strepen, dat in de late herfst verschijnt en in het voorjaar verwelkt. Onder de grond liggen twee of meer knollen aan elkaar, een oude en een nieuwe. Uit de gekneusde knollen komt een kleverig slijm.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 158

    Amerikaans glidkruid

    Scutellaria lateriflora (en S. baicalensis)

    In de westerse kruidengeneeskunde gebruikt bij nervositeit, spanning en slaapproblemen. Een paar kleine studies wijzen op een licht kalmerend effect.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+4
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 826

    Amerikaans voetblad

    Podophyllum peltatum

    Giftige plant waarvan de hars, podofylline, vroeger als laxeermiddel werd gebruikt. Nu alleen in de vorm van geneesmiddelen tegen wratten.

    Eclectische geneeskunde+2
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 992

    Amerikaanse amberboom

    Liquidambar styraciflua

    Hoge boom met stervormige bladeren, prachtige herfstkleuren en stekelige, ronde vruchtballen. Bij beschadiging lekt uit de bast een geurige hars, Amerikaanse storax, die al eeuwen in zalven, parfum en wierook gaat. De hars is licht ontsmettend.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 996

    Amerikaanse dictam

    Cunila origanoides

    Lage, houtige plant uit de lipbloemenfamilie met kleine paarse bloemen in de nazomer, die naar oregano en munt ruikt. Het blad bevat etherische olie. In de eerste vorstnachten barsten de stengels open en groeien er ijsbloemen uit, waaraan ze de naam frost mint dankt.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 160

    Amerikaanse ginseng

    Panax quinquefolius

    In de Chinese geneeskunde gezien als 'verkoelender' dan Aziatische ginseng en gebruikt bij vermoeidheid en dorst. Enkele studies vinden een licht effect op bloedsuiker na de maaltijd en op verkoudheid; het bewijs is beperkt.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+3
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 628

    Amerikaanse hazelwortel

    Asarum caudatum, A. canadense en verwante soorten

    Traditioneel toegeschreven

    Verdrijft wind-kou, opent een verstopte neus, verwarmt de long bij hoest met helder slijm en verdrijft kou en vocht bij menstruatiepijn en andere pijn.

    Haudenosaunee-geneeskunde+4
  • Let op

    Noord-Amerika · Voeding · № 934

    Amerikaanse kastanje

    Castanea dentata

    Ooit een van de grootste bomen van de oostelijke bossen, met zoete, eetbare noten. Verwant aan de tamme kastanje.

    Haudenosaunee-geneeskunde+1
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 932

    Amerikaanse linde

    Tilia americana

    Grote loofboom met hartvormige bladeren en geurende bloemen, verwant aan de Europese linde. De bloesem bevat slijmstoffen en flavonoïden. Het hout is zacht en makkelijk te snijden; de binnenbast levert sterke vezels.

    Haudenosaunee-geneeskunde+1
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 951

    Amerikaanse nardus

    Aralia racemosa

    Hoge vaste plant uit de klimopfamilie, verwant aan de ginseng, met een dikke, geurige wortel. Weinig onderzocht.

    Haudenosaunee-geneeskunde+1
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 997

    Amerikaanse persimoen

    Diospyros virginiana

    Boom uit de ebbenhoutfamilie, verwant aan de kaki. De oranje vruchten zijn onrijp zo samentrekkend dat ze de mond doen samentrekken, maar na de eerste vorst zoet en zacht. Ze zijn rijk aan vitamine C. Bast en onrijpe vruchten bevatten veel looistoffen.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 1001

    Amerikaanse plataan

    Platanus occidentalis

    Een van de grootste loofbomen van Oost-Amerika, met een stam die afbladdert in vlekken van wit, groen en bruin. De bast bevat looistoffen en betulinezuur. Hij is een ouder van de gewone plataan in Europese straten.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 950

    Benzoëstruik

    Lindera benzoin

    Struik uit de laurierfamilie met geurige bladeren en twijgen en rode bessen. In het Engels spicebush.

    Haudenosaunee-geneeskunde+1
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 224

    Bergamotplant

    Monarda didyma

    Het geurige blad bevat thymol en wordt als thee gedronken. Inheemse volken gebruikten het bij verkoudheid, koorts en hoofdpijn; onderzoek bij mensen ontbreekt.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+2
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 280

    Blauwe zilverkaars

    Caulophyllum thalictroides

    Traditioneel toegeschreven

    Versterkend, krampwerend, ontstekingsremmend, baarmoederstimulerend, urinedrijvend, antireumatisch.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+4
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 372

    Bloedwortel

    Sanguinaria canadensis

    Traditioneel toegeschreven

    Stimulerend, braakopwekkend, slijmoplossend, herstellend; onderdeel van escharotische behandeling bij baarmoederhalsdysplasie, verwarmt longen/maag/baarmoeder, bevordert ophoesten.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+4
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 991

    Bloeiende kornoelje

    Cornus florida

    Kleine boom met grote, witte schutbladen rond een knop kleine bloemetjes in het voorjaar, rode bessen en rood herfstblad. De bast is samentrekkend en bitter; in de Amerikaanse Burgeroorlog was ze een vervanger voor kinine, en in het lab remden stoffen uit de bast de malariaparasiet matig. De bessen zijn giftig voor mensen.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Midden-Amerika en Caraïben · Voeding · № 265

    Bonen

    Phaseolus vulgaris

    Een eiwit- en vezelrijke peulvrucht. Rauwe of onvoldoende gekookte bonen bevatten het giftige fasine; goed koken is nodig. Bonen zijn verder vooral voedsel, geen geneesmiddel.

    Maya-geneeskennis+3Volksgeloof
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 151

    Boneset

    Eupatorium perfoliatum

    Traditioneel gebruikt bij koorts en griep met spierpijn; de Engelse naam verwijst naar 'breekbeenkoorts'. Er is nauwelijks modern klinisch onderzoek.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+4
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 306

    Boshortensia

    Hydrangea arborescens

    Traditioneel toegeschreven

    Urinedrijvend, laxerend, nierstimulerend.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+3
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 34

    Canadese geelwortel

    Hydrastis canadensis

    Er is onvoldoende bewijs om te bepalen of goldenseal bij enige aandoening helpt.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+6Volksgeloof
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 931

    Canadese hemlockspar

    Tsuga canadensis

    Groenblijvende naaldboom met korte, platte naalden. De bast is rijk aan looistoffen en werd vroeger gebruikt om leer te looien. Geneeskrachtige werking is niet onderzocht.

    Haudenosaunee-geneeskunde+1
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 995

    Duivelswandelstok

    Aralia spinosa

    Struik of kleine boom uit de klimopfamilie, verwant aan de Amerikaanse nardus, met stammen vol stekels, enorme, dubbel geveerde bladeren en in de nazomer grote pluimen kleine witte bloemen met paarse bessen. De verse wortel is scherp en braakwekkend.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 1000

    Galax

    Galax urceolata

    Laag, wintergroen kruid uit de familie Diapensiaceae met glanzende, ronde, getande bladeren die in de winter brons- tot wijnrood kleuren, en in de lente een slanke aar witte bloemetjes. Planten in bloei ruiken scherp, bijna als een stinkdier. De werking is niet onderzocht.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 274

    Gevlekte ooievaarsbek

    Geranium maculatum

    Traditioneel toegeschreven

    Samentrekkend, bloedstelpend, versterkend.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+4
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 596

    Gladde sumak

    Rhus glabra

    Traditioneel toegeschreven

    Samentrekkend, zuiverend, versterkend, wondhelend, antiseptisch; versterkt het spijsverteringskanaal (zweren, diarree), remt overmatige afscheidingen (urineverlies, nachtzweten, bloedingen), kan bloedsuiker verlagen, bij verzakkingen.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+3
  • Let op

    Europa · Kruid · № 62

    Grote klit

    Arctium lappa

    De wortel gold in Europa als 'bloedzuiverend' kruid bij huidproblemen zoals eczeem en acne; het zaad wordt in de Chinese geneeskunde bij keelpijn gebruikt. Klinisch bewijs is zwak.

    Westerse kruidengeneeskunde+5
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 987

    Hearts-a-bustin'

    Euonymus americanus

    Struik uit de kardinaalsmutsfamilie, tot twee meter hoog. In de herfst springen de wrattige, roze vruchten open en tonen ze zaden in een felrood vruchtvlies. Zaden en vruchten werken sterk laxerend, zoals bij andere kardinaalsmutsen, en het geslacht geldt als giftig.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 307

    Indiaanse tabak

    Lobelia inflata

    Traditioneel toegeschreven

    Ontspannend, slijmoplossend, zweetdrijvend, braakopwekkend, krampwerend, anti-astmatisch.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+4
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 994

    Indian physic

    Gillenia trifoliata (syn. Porteranthus trifoliatus)

    Overblijvend kruid uit de rozenfamilie met drietallige bladeren en losse trossen witte of lichtroze bloemen met vijf smalle kroonbladen. De wortel werkt braakwekkend en laxerend; hij stond als American ipecac in de Amerikaanse farmacopee.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 940

    Joe-Pye-kruid

    Eutrochium purpureum en E. maculatum (syn. Eupatorium)

    Hoge, paarsroze bloeiende composieten, verwant aan het Europese koninginnekruid. Ze kunnen pyrrolizidine-alkaloïden bevatten, die bij langdurig gebruik de lever beschadigen.

    Haudenosaunee-geneeskunde+1
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 155

    Karmozijnbes

    Phytolacca americana

    Vroeger gebruikt bij gezwollen klieren, keelontsteking en reuma. Door de giftigheid is het geen veilig kruid; er is geen bewijs dat het voordelen biedt die opwegen tegen de risico's.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+5
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 990

    Knolzijdeplant

    Asclepias tuberosa

    Zijdeplant met felle, oranje bloemschermen die veel vlinders lokken, met een dikke, knolachtige wortel. Ze bevat weinig hartglycosiden voor een zijdeplant, maar wel steroïden die bij grotere hoeveelheden zwakte, krampen en oogschade kunnen geven. De wortel stond als pleurisy root in de Amerikaanse farmacopee als slijmoplossend middel.

    Cherokee-geneeskunde
  • Let op

    Europa · Kruid · № 102

    Koningskaars

    Verbascum thapsus

    Blad en bloemen bevatten slijmstoffen en worden traditioneel bij prikkelhoest en bronchitis gebruikt; de olie van de bloemen bij oorpijn. Klinisch bewijs is beperkt.

    Grieks-Romeinse geneeskunde+4
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 949

    Leverbloempje

    Hepatica nobilis (incl. H. americana en H. acutiloba)

    Vroege voorjaarsbloeier uit de ranonkelfamilie met driedelige bladeren. Vers bevat de plant prikkelende stoffen.

    Haudenosaunee-geneeskunde+1
  • Let op

    Midden-Amerika en Caraïben · Voeding · № 266

    Maïs

    Zea mays

    Traditioneel toegeschreven

    Urinedrijvend, heelt het slijmvlies van de urinewegen, versterkend, verzachtend.

    Maya-geneeskennis+7Volksgeloof