Prekoloniale wortels; hedendaagse gemeenschappen
De Maya leven al duizenden jaren in het zuiden van Mexico, Guatemala, Belize en delen van Honduras en El Salvador. In de klassieke periode, ruwweg van 250 tot 900, bouwden ze steden als Tikal, Palenque en Copán, en ontwikkelden ze een schrift, een kalender en een rijke kennis van planten en het menselijk lichaam. Over hun geneeskunde in die tijd weten we vooral indirect: uit afbeeldingen, uit resten in aardewerk en uit wat later is opgeschreven. Na de Spaanse verovering in de zestiende eeuw werden de meeste Maya-boeken verbrand. Wat overbleef, mengde zich met Spaanse en katholieke invloeden. Toch leven de tradities voort. Er zijn nu meer dan zes miljoen Maya, die ongeveer dertig verschillende Maya-talen spreken. Hun geneeskunde verschilt per streek, taal en dorp.