Naar de inhoud
Herbs & Cultures

Traditie in Europa

Westerse kruidengeneeskunde

Van middeleeuwse kruidenboeken tot de hedendaagse fytotherapie

De titelpagina van John Gerards The Herball (Londen, 1597).
De titelpagina van John Gerards The Herball (Londen, 1597). publiek domein

Geschiedenis

Met de uitvinding van de boekdrukkunst kwamen in de vijftiende en zestiende eeuw de grote kruidenboeken. In 1485 verscheen in Mainz de Gart der Gesundheit. In 1542 publiceerde Leonhart Fuchs De historia stirpium, met prachtige houtsneden naar de natuur.

De Lage Landen speelden een grote rol. De Mechelse arts Rembert Dodoens gaf in 1554 in Antwerpen zijn Cruydeboeck uit, een van de belangrijkste kruidenboeken van zijn tijd, dat in veel talen werd vertaald. In Engeland verscheen in 1597 het Herball van John Gerard, en in 1652 The English Physitian van Nicholas Culpeper, die de kennis in het Engels toegankelijk maakte voor gewone mensen.

Vanaf de achttiende eeuw groeide de wetenschap uit de kruidenkunde. In 1785 beschreef William Withering hoe vingerhoedskruid hielp bij waterzucht door hartfalen. In de negentiende eeuw isoleerden scheikundigen werkzame stoffen uit planten, zoals morfine uit de slaapbol in 1804. In 1897 maakte Bayer aspirine, op basis van een stof die ook in wilgenbast en moerasspirea zit.

Kernideeën

Lang was de westerse kruidenkunde gebaseerd op de leer van de lichaamssappen. Elk kruid had een temperament, warm of koud, droog of vochtig.

In de zestiende eeuw werd de signatuurleer populair. Volgens Paracelsus en anderen had God in de vorm of kleur van een plant een teken gelegd van zijn werking: een plant met hartvormige bladeren zou goed zijn voor het hart. Culpeper verbond bovendien elke plant met een planeet.

Moderne fytotherapie werkt anders. Ze zoekt naar werkzame stoffen, gestandaardiseerde extracten en wetenschappelijk bewijs, al leeft ook de traditionele kennis voort.

Kennis en overdracht

Kennis verspreidde zich via boeken, apothekers en artsen, en via de gewone mensen die kruidenboeken thuis hadden. Apothekers maakten middelen volgens farmacopees, officiële receptenboeken.

In de twintigste eeuw scheidden de wegen. De reguliere geneeskunde ging verder met zuivere stoffen en synthetische medicijnen. Kruidkundigen, natuurgeneeskundigen en fytotherapeuten zetten de kruidentraditie voort, vaak met eigen opleidingen.

In Duitsland bleef fytotherapie een gewoon onderdeel van de zorg, met kruidenmiddelen die artsen voorschrijven.

Teksten en figuren

Het Cruydeboeck van Dodoens uit 1554 beschrijft honderden planten met hun namen, kenmerken en gebruik. Het is een trots van de Nederlandstalige wetenschap.

The English Physitian van Culpeper is tot vandaag in druk. Het Herball van Gerard en De historia stirpium van Fuchs zijn beroemd om hun afbeeldingen.

In 1785 schreef William Withering An Account of the Foxglove, een van de eerste zorgvuldige studies naar de werking van een plant bij patiënten.

Vandaag

In de Europese Unie mogen traditionele kruidenmiddelen sinds de richtlijn 2004/24/EG als geneesmiddel worden geregistreerd als ze minstens dertig jaar in gebruik zijn, waarvan vijftien in de EU, en veilig zijn. Het Europees Geneesmiddelenbureau stelt monografieën op over veel geneeskrachtige planten.

Veel moderne medicijnen komen oorspronkelijk uit planten. Kruidenthee en kruidensupplementen zijn populair.

Er is ook kritiek: sommige kruidensupplementen zijn slecht onderzocht, en de kwaliteit wisselt sterk.

Natuur in de traditie

De westerse kruidengeneeskunde gebruikt veel inheemse Europese planten. Kamille bij buikpijn en ontsteking, valeriaan bij onrust en slapeloosheid, sint-janskruid bij neerslachtigheid, pepermunt bij darmklachten.

Goudsbloem wordt gebruikt voor de huid, duizendblad bij wonden, tijm bij hoest. Daarnaast nam de westerse kruidenkunde planten uit andere werelddelen op, zoals echinacea uit Amerika.

Vingerhoedskruid, wilg en slaapbol laten zien hoe planten aan de basis van moderne medicijnen staan.

Respectvol omgaan

"Natuurlijk" betekent niet automatisch veilig. Vingerhoedskruid is dodelijk giftig. Sint-janskruid heeft veel interacties met medicijnen, zoals de pil, bloedverdunners en antidepressiva.

Overleg met een arts of apotheker voordat je kruidenmiddelen combineert met medicijnen.

Uit de keuken

Recepten uit deze traditie

Register

Kruiden in deze traditie

  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 575

    Zwarte sneeuwbal

    Viburnum prunifolium

    Traditioneel toegeschreven

    Krampwerend en ontspannend, vooral bij menstruatiekrampen en baarmoederkrampen. Klinisch onderzoek ontbreekt; dat het een miskraam kan voorkomen is niet aangetoond.

    Eclectische geneeskunde+2
  • Let op

    Noord-Amerika · Kruid · № 576

    Zwarte walnoot

    Juglans nigra

    Traditioneel toegeschreven

    Zuiverend, laxerend, samentrekkend, antibacterieel, antiparasitair, schimmelwerend; reinigt en versterkt de dikke darm, bij huidproblemen, reizigersdiarree, sinusitis, traag werkende schildklier.

    Inheemse geneeswijzen van Noord-Amerika+3